
Door deze slager leerde ik de smaak van paarden- en veulenvlees kennen en waarderen.
"Vlees met een naam," zei de slager eens tegen mij. Immers de meeste paarden hebben een naam gehad voordat zij veranderden in naamloos vlees.
In die tijd was er een zeer bekende draver, genaamd Hairos II.
Een paar dagen nadat dit paard van het toneel was verdwenen vroeg slager Ernste aan mij: "Trek in een lekker stukje Hairos?"
"Nou slager, doet u mij er maar deux!"
En dan nu die drukte over het gerommel van vleeshandelaren.

Voor mij is zoiets sentimentele flauwe kul.
Moeten paarden worden begraven of zelfs gecremeerd als ze door de hoeven gaan?
Bij Soest is een bejaardenhuis voor deze edele dieren, prima, maar ergens bereikt elke gekte een grens.
Zelf heb ik altijd het idee dat paarden minder met groeihormonen, antibiotica, etc. zijn volgespoten en dat hun leven heel wat beweeglijker is geweest dat dat van het meeste slachtvee en dat maakt het uiterst consumabel voor een carnivoor.
Doe mij nog maar een veulenbiefstukje.
Hier in Frankrijk is dat in bijna elke supermarkt verkrijgbaar!
Het meest idiote van al dit gerommel met vlees, met als enig doel om meer geld binnen te halen, is dat er nu prima, uitstekend paardenvlees, dat verwerkt is lasagnes, uit de schappen wordt gehaald om te worden vernietigd enkel omdat het niet juist op de verpakking staat vermeld.
Dat vind ik nu echt schandalig!
1 opmerking:
Tja, als ik een koe in de ogen kijk doet het mij net zo veel.
Een reactie posten